header image
 

Kinderopvang

Kinderen van 0 tot 4 jaar zijn nog niet leerplichtig. Voor hen is er op Sint Maarten de mogelijkheid om naar de kinderopvang te gaan. De kinderopvang kent op The Friendly Island verschillende namen: play-school, pre-elementary school, crèches, kindergarten schools, day care center, kindercentrum en peuteronderwijs. 

Het Ministerie van Volksgezondheid, Sociale Ontwikkeling en Arbeid (VSA) is het verantwoordelijke Ministerie voor de kinderopvang op Sint Maarten. Ook de inspectie ressorteert onder het VSA. 

De crèches zetelen doorgaans in prachtige gebouwen met mooie kleuren. De crèches kunnen qua omvang sterk verschillen; groot of klein. Verder zijn er verschillen in de taal die er wordt gesproken: Nederlands, Engels of Frans. Uiteraard moeten alle crèches aan verschillende wettelijke vereisten voldoen. Deze minimumeisen staan beschreven in de ‘Landsverordening Kinderopvang’ (LVK) en ‘Uitvoeringsbesluit Kinderopvang’ (LHAM).

Eisen waaraan een kinderopvang dient te voldoen (opgesteld door de LVK)  

Aan de vakbekwaamheid van het personeel.

Aan het aangeboden pedagogisch programma.

Aan het maximale aantal kinderen; hetgeen 100 is.

Aan de openings- en sluitingstijden; die tussen de 06:00 en 19:00 liggen.

Aan de verplichting die de kinderopvang heeft tot de verschaffing van bepaalde informatie; onder andere ten aanzien van de ouders van een kind.

Aan de maximale tijdsduur die kinderen in een kindercentrum mogen doorbrengen; hetgeen 12 uur is.

Regels omtrent hoe het kinderopvangcentrum moet handelen in geval van vermoedelijke mishandeling of ernstige ziekte.

Regels met betrekking tot de inrichting, hygiëne, voeding en de samenstelling van het activiteitenprogramma.

Verplichting om een ontruimingsplan op te stellen en regelmatig oefeningen te houden.

Het kinderopvangcentrum dient te allen tijde telefonisch bereikbaar te zijn en alarmnummers dienen duidelijk geafficheerd te zijn. 

Eisen waaraan een kinderopvang dient te voldoen (opgesteld door de LHAM)

De inrichting

Er zijn richtlijnen en eisen op het gebied van binnen- en buitenruimte per kind, de staat van onderhoud, de kwaliteit van de elektriciteit (mede de hoogtes van stopcontacten en elektriciteitsschakelaars), verlichting, ventilatie en veiligheid. Ook brandweervoorschriften, brandveilig spelmateriaal en aanwezigheid van EHBO-kisten worden hierin bepaald. 

Een kindercentrum moet op de openbare voorzieningen zijn aangesloten en wanneer het gebouw niet is aangesloten op de openbare riolering moet in een adequate methode van afvoer en afvalwater voorzien zijn. 

Eveneens worden richtlijnen genoemd voor het materiaal van het grondoppervlak van zowel de binnen- als de buitenruimtes. Er dient een aparte ruimte voor het personeel te zijn, die afgescheiden moet zijn van de ruimten voor de kinderen. 

Meubilair en materiaal dienen aangepast te zijn aan de ontwikkeling van het kind en er dienen voldoende en in goede staat van onderhoud en hygiëne bedden of matrassen  aanwezig te zijn. 

Al het speelgoed moet afwasbaar zijn. 

Aan de inrichting van de keuken zijn eisen vastgesteld, zowel op het gebied van ruimte, afsluitbaarheid en hygiëne. 

Er zijn vastgestelde regels ten aanzien van alle sanitaire voorzieningen en ook het minimale aantal douches en toiletpotten (po’s) is vastgelegd.

Indien een kindercentrum opvang biedt aan kinderen in de leeftijd tot één jaar, dient het centrum hiervoor aparte binnenruimte te hebben. Er gelden specifieke eisen ten aanzien van bedden en boxen voor deze leeftijdscategorie. 

De hygiëne en voeding

Duidelijke richtlijnen worden gesteld ten aanzien van de persoonlijke hygiëne van de kinderen (eventueel privé-benodigdheden mogen van thuis worden meegenomen), het schoonmaken van het speelgoed en de ruimten, zowel binnen als buiten en de kwaliteit van de gezonde maaltijden en tussendoortjes. Het centrum moet daarmee voldoen aan de richtlijnen vastgesteld door de Minister. 

Het personeel

Ten minste één lid van de directe dient te beschikken over een diploma op MBO-niveau in sociaal pedagogische richting en alle leid(st)ers overeen diploma op ten minste LBO-niveau in dezelfde richting. Voor de opvang van kinderen tot één jaar moet tenminste één lid van de directie HBO-geschoold zijn en de overige personeelsleden ten minste op MBO-niveau zijn opgeleid. Leden van de directie en anderen moeten ieder jaar een uren besteden aan door de commissie erkende cursussen. Vrijwilligers en stagiairs mogen tot maximaal 10 uur per week onder begeleiding van een leid(st)er werkzaam zijn. Ook is geregeld hoeveel er, afhankelijk van het aantal kinderen, altijd gedurende openingstijden aanwezig moet zijn. Het schoeisel en de persoonlijke hygiëne van de leiding is geregeld, alsmede dat het personeel bij door een arts geconstateerde besmettelijke ziekte, geen werkzaamheden mag verrichten. 

De LHAM regelt ook hoeveel leiding per leeftijdsgroep aanwezig dient te zijn en uit hoeveel kinderen een groep mag bestaan. Er zijn richtlijnen inzake bewegingsruimte van de leerlingen en de rol van de afdeling Volksgezondheid is vastgesteld. 

Eerst rondkijken

Als je op Sint Maarten voor je kinderen gebruik wil gaan maken van een crèche, is het natuurlijk heel verstandig om eerst een paar crèches te gaan bekijken en bezoeken. Op die manier is het mogelijk om de sfeer te proeven op verschillende crèches en is het gemakkelijker om een keuze te maken.

Landsverordering

In de Landsverordering houdende de vaststelling van de minimumeisen gesteld aan kinderopvang, wordt de organisatie van de kinderopvang met betrekking tot verzorging, opvoeding en begeleiding in georganiseerd verband en tegen vergoeding, van minimaal 5 kinderen in de leeftijd van 4 weken tot aan het kleuteronderwijs nader gedefineerd. 

Ook de ambtelijke organisaties en de regels waaraan de betreffende instantie (Inspectie) belast met de uitvoering, het toezicht en de naleving van de regels, zich dient te houden, is bij deze verordening geregeld. 

Een door de overheid ingestelde Kwaliteitscommissie van maximaal vijf leden, adviseert en brengt aan de Minister advies uit naar aanleiding van het aanvragen van een vergunning. Niet iedereen kan zomaar een opvang starten: het is namelijk verboden om zonder vergunning kinderopvang aan te bieden. De voorwaarden waaraan de aanvrager moet voldoen, alvorens een kindercentrum te kunnen opzetten, worden eveneens genoemd in de LVK. De rol van de Kwaliteitscommissie en die van de inspectie worden nader belicht, als ook de gronden waarop de minister kan besluiten een aanvraag te weigeren. Ook in het geval dat dit afwijkt van het advies van de commissie. Een vergunning wordt voor de duur van 5 jaren verleend en is niet overdraagbaar. De Minister is te allen tijde gerechtigd (op aanvraag) een vergunning te wijzigen of in te trekken. De vergunninghouder moet in het laatste geval altijd gehoord worden. 

Ook de bevoegdheden van de door de Minister aangewezen ambtenaren die het toezicht uitoefenen is in de LVK geregeld. Ook de verplichting tot medewerking wordt beschreven, alsmede de bijzondere aandacht die de toezichthouder aan het gedrag van kinderen dient te besteden. De Minister kan sancties opleggen aan een vergunninghouder wanneer deze in strijd handelt, gesteld bij of krachtens de Landsverordening. 

Dan is er nog het Landsluit, houdende de Algemene Maatregelen, ter uitvoering van de Landsverordering Kinderopvang (LHAM), ook wel aangeduid als ‘Uitvoeringsbesluit Kinderopvang’. Het Landsbesluit geeft allereerst wetstechnische informatie, alsmede de wettelijke grondslag(en) of bevoegheid waarop de regeling is gebaseerd.